
Groepenkast vervangen of uitbreiden
Een kast die vol zit, of die er bij de eerste piek van de dag uit klapt, houdt je bedrijf tegen. Wij bekijken wat er nog bij kan, wat vervangen moet en wat je bij de netbeheerder moet aanvragen.
Bijna elke groepenkast die wij openmaken paste ooit precies bij het pand. Daarna kwam er een serverkast bij, een tweede oven, een compressor, een laadpaal op het terrein. Zolang er ruimte in de kast zat werd er een groep bijgezet, en toen die ruimte op was werd er iets bijgehangen aan een groep die er al lag. Zo ontstaat een installatie die het doet tot het moment dat hij het niet meer doet.
Wij vervangen en verzwaren groepenkasten in bedrijfspanden, winkels, scholen, horeca en verenigingen van eigenaars in Almere, Lelystad, het Gooi en Amsterdam. Meestal in combinatie met het andere werk in het pand, want de kast is het punt waar je verlichting, patchkast, camera’s en toegangscontrole hun voeding vandaan halen. Als één partij die kast bouwt en ook weet wat eraan hangt, scheelt dat een hoop heen en weer gepraat.
Uitbreiden of toch de hele kast?
Die afweging staat uitgewerkt in ons kennisartikel groepenkast vol: uitbreiden of vervangen. Daar lees je hoe je zelf kunt inschatten welke kant het op gaat. Op deze pagina staat wat er daarna gebeurt: hoe wij het aanpakken, wat het pand ervan merkt en wat je aan het eind in handen hebt.

Waaraan je ziet dat de kast tekortschiet
Hij klapt eruit op vaste momenten
Altijd rond openingstijd, of als de tweede machine aangaat. Dat is zelden een defect. Dat is een groep die te veel moet dragen op het moment dat alles tegelijk start.
Er is geen vrije ruimte meer
Geen enkele lege modulepositie, of alleen ruimte die je niet kunt gebruiken omdat de rail al vol zit. Elke uitbreiding wordt dan een verdeelstuk erbij, en dat wil je niet stapelen.
Eén aardlekschakelaar voor het hele pand
Gaat er ergens een apparaat lekstroom maken, dan valt in één klap alles weg. Ook de kassa, de server en de koeling. Zoeken doe je dan met de hele zaak in het donker.
Geen schema en geen labels
Niemand weet welke groep waar zit. Bij een storing gaat de eerste twee uur op aan uitzoeken in plaats van repareren, en bij een verbouwing durft niemand iets af te schakelen.
Warmte en verkleuring
Bruine of verkleurde klemmen, een deur die warm aanvoelt, een brandlucht als er belasting op staat. Dat is een aansluiting die niet meer goed vastzit en dat hoort meteen bekeken te worden.
Kantoor en techniek door elkaar
Serverkast, koeling en camera’s op dezelfde groep als de waterkoker in de kantine. Eén klein incident legt dan systemen plat die eigenlijk door hadden moeten draaien.
Bijplaatsen of volledig vervangen
Bijplaatsen betekent dat de bestaande kast blijft staan en dat wij er groepen bij zetten, of dat er een onderverdeler bij komt in het deel van het pand waar de vraag vandaan komt. Dat is de snelste route en vaak de verstandigste als de kast zelf nog in orde is: de bedrading is te volgen, de hoofdbeveiliging is ruim genoeg en er is fysiek plaats. Een onderverdeler in de hal of bij de werkplaats scheelt bovendien lange voedingskabels en spanningsverlies.
Volledig vervangen doe je als de kast zelf het probleem is. Bij een kast zonder aardlekbeveiliging op alle eindgroepen, bij bedrading die je niet meer kunt herleiden, bij een behuizing die niet meer aan te vullen is, of als er zoveel bijgeprikt is dat de oorspronkelijke indeling nergens meer op slaat. Dan is er weinig eer aan repareren. Je haalt de kast eruit, je verdeelt de installatie opnieuw en je legt het vast.
Aardlekbeveiliging: waarom de leeftijd van de kast uitmaakt
Kasten van voor 1975 hebben vaak helemaal geen aardlekschakelaar, want die was toen nog niet verplicht voor wandcontactdozen. Uit de periode daarna kom je meestal één aardlekschakelaar van 30 milliampère tegen die de hele installatie afdekt. Dat was destijds correct, maar het betekent wel dat elke lekstroom het hele pand meeneemt. In een kast die volgens de huidige NEN 1010 wordt opgebouwd verdeel je dat: aardlekbeveiliging per beperkt aantal eindgroepen, of aardlekautomaten per groep, zodat een storing blijft waar hij ontstaat.
Groepen scheiden zodat één storing niet alles meeneemt
Hoe je de groepen verdeelt is het deel waar je later het meeste aan hebt. Wij zetten wat door moet draaien op eigen groepen: de patchkast en de server, de koeling, de brandmeldinstallatie, de camera’s en de toegangscontrole. Verlichting scheiden we van kracht, en de buitenboel, denk aan een laadpaal, een poort of een camerapaal, krijgt een eigen groep met eigen aardlekbeveiliging omdat vocht daar nu eenmaal vaker de oorzaak is.
De aansluiting verzwaren is geen klus van ons alleen
Een kast vervangen kunnen wij zelf inplannen. De aansluiting verzwaren niet. Alles tot en met 3×80 ampère valt onder kleinverbruik, en daarboven kom je in het grootverbruik terecht met een eigen transformatorruimte en een ander soort contract. Ga je van bijvoorbeeld 3×25 naar 3×50 of 3×80, dan is dat een aanvraag bij de netbeheerder. In ons werkgebied is dat Liander. Zij bepalen of de kabel vanaf de straat mee kan, of er gegraven moet worden en wanneer er een ploeg beschikbaar is.
Dat is precies het deel dat niemand in de hand heeft, ook wij niet. Wij leveren aan wat er nodig is voor de aanvraag, we rekenen door welke aansluitwaarde bij je installatie past en we zorgen dat de meterkast en de hoofdverdeling klaar zijn op het moment dat de netbeheerder komt. Wat we niet doen is een datum noemen die niet van ons is.
Netcongestie in Flevoland
In Flevoland zit het net op veel plekken vol. Bedrijventerreinen die de afgelopen jaren snel gegroeid zijn en de hoeveelheid opwek en laadinfrastructuur maken dat een zwaardere aansluiting niet vanzelfsprekend meteen beschikbaar is. Reken er dus op dat dit langer loopt dan je zou denken en begin er vroeg over, het liefst op het moment dat je het plan maakt en niet als de verbouwing al staat ingepland.
Soms is verzwaren ook niet nodig. Als de piek het probleem is en niet het totaal, kun je vaak binnen je huidige aansluiting blijven door de belasting te spreiden: laadpalen met dynamisch lastbeheer, machines die niet allemaal op hetzelfde moment starten, verlichting die naar led gaat en daarmee flink minder trekt. Dat rekenen we door voordat je een aanvraag indient die je misschien niet hoeft te doen.

Wat het pand ervan merkt
Opnemen wat er nu hangt
We meten de bestaande installatie door en brengen in kaart welke groep waar naartoe gaat. Bij een kast zonder schema is dat het grootste deel van het voorwerk, en het is ook het deel dat je later terugziet in de labels.
Indeling op papier
Je krijgt de nieuwe groepenverdeling te zien voordat er iets besteld wordt. Daar staat in wat op eigen groepen komt, waar reserveposities zitten en welke aansluitwaarde erbij hoort.
Voorbereiden buiten de spanningsloze tijd
De nieuwe kast wordt zoveel mogelijk vooraf opgebouwd, bij ons of naast de bestaande kast in het pand. Hoe meer daar klaar is, hoe korter het moment dat de spanning eraf moet.
Omzetten in blokken
Meestal in delen, zodat niet het hele pand tegelijk stilstaat. Wat echt door moet, denk aan een server, koeling of een alarmsysteem, houden we in de lucht met een tijdelijke voeding of zetten we als eerste over.
Meten, labelen en overdragen
Elke groep wordt doorgemeten, gelabeld en op tekening gezet. Daarna lopen we de kast met je door, zodat degene die er straks bij moet ook weet wat waar zit.
Bij winkels en horeca doen we het omzetten regelmatig ’s nachts of op een sluitingsdag. Bij kantoren vaak in het weekend. Bij productie is de vakantiestop meestal het beste moment. Dat plannen we vooraf met je in, want het spannende deel van zo’n klus is bijna nooit de techniek maar de timing.
Moet er overspanningsbeveiliging in de nieuwe kast?
Bij een nieuwe groepenkast bijna altijd wel. Sinds NEN 1010:2020 is overspanningsbeveiliging in veel meer situaties verplicht dan daarvoor, en vervanging van de groepenkast is er daar een van. Hetzelfde geldt zodra er zonnepanelen of een laadpaal aan de installatie hangen. Een overspanningsbeveiliging vangt de korte, harde spanningspieken op die ontstaan bij blikseminslag in de buurt of bij schakelacties op het net. Die piek duurt een fractie van een seconde, en precies die fractie is genoeg om een omvormer, een laadpaal, een switch of een recorder te slopen. Daarnaast is er een regel die veel mensen niet kennen: een bestaande installatie hoeft niet aan de nieuwste norm te voldoen zolang je er niets aan verandert, maar alles wat je wijzigt of toevoegt moet dat wél. Hang je er een laadpaal aan of vervang je de kast, dan geldt voor dat deel dus de huidige norm. Wij nemen de overspanningsbeveiliging daarom mee in het ontwerp van de kast en zetten hem niet als optie onderaan de offerte.
Wat je bij oplevering krijgt
De aanleg voeren we uit volgens NEN 1010, de norm voor laagspanningsinstallaties in gebouwen. Die norm gaat over hoe het gebouwd en aangesloten wordt. Daarnaast is er NEN 3140, en die gaat over iets anders: het veilig gebruiken van een installatie die er al ligt, inclusief de periodieke inspectie en het keuren van arbeidsmiddelen. Een nieuwe kast levert een NEN 1010-oplevering op, de jaren daarna vallen onder NEN 3140.
Wat er meegaat als het werk klaar is:
Een schema in de kast
Aan de binnenzijde van de deur, zodat het bij de kast blijft en niet in een la op kantoor verdwijnt. Digitaal krijg je hem er ook bij.
Groepen die je kunt lezen
Niet “groep 7” maar de ruimte plus wat eraan hangt. Bij de wandcontactdozen en de verdeelpunten hetzelfde nummer, zodat je van beide kanten kunt zoeken.
Een meetrapport
Met isolatieweerstand, doorverbinding van de beschermingsleiding, uitschakeltijden van de aardlekbeveiliging en de gemeten kortsluitstroom. Dat is het papier dat je nodig hebt bij een verzekeraar, een verhuurder of een inspectie. Hoe wij meten en vastleggen lees je op meten en certificeren.

“Als ik een kast opendoe en er hangt een schema aan de binnenkant van de deur, dan weet ik dat de vorige monteur nagedacht heeft. Dat scheelt bij een storing het halve verhaal.”John van den Bosch, CS Installatie
Waar de kosten vandaan komen
Wij noemen op deze site geen bedragen, omdat een groepenkast met een prijslijst niet te vangen is. Twee panden met evenveel vierkante meters kunnen makkelijk een factor twee verschillen. Dit zijn de dingen die het bedrag bepalen:
Het aantal groepen en het type beveiliging
Hoeveel eindgroepen erin moeten, en of je per groep een aardlekautomaat wil of per blok een aardlekschakelaar. Dat laatste is goedkoper, het eerste geeft minder uitval bij een storing.
Wat je nu hebt
Een kast met een compleet schema is sneller om te zetten dan een kast waar niets van vastligt. Het uitzoeken en doormeten van bestaande bedrading is bij oude installaties een reëel deel van de tijd.
Een- of driefase
Van één fase naar drie fasen betekent een andere hoofdverdeling en vaak ook aanpassingen aan de meterkast.
De aansluiting zelf
Verzwaren loopt via de netbeheerder en die factureert rechtstreeks aan jou. Wat wij doen is het werk aan onze kant, plus eventueel graafwerk en het aanpassen van de meterkast op eigen terrein.
Wanneer het werk gebeurt
Overdag is het gunstigst. Nachtwerk, weekendwerk of werken in blokken met tijdelijke voeding kost meer uren.
Bereikbaarheid
Een kast in een vrij toegankelijke technische ruimte is een ander verhaal dan een kast achter een stelling, in een kruipruimte of op hoogte.
Na een schouw van ongeveer een uur weten we genoeg voor een gerichte opgave, met de posten los benoemd zodat je ziet waar het geld heen gaat. Het bredere werk aan elektra vind je op elektra, groepenkasten en verlichting.
Meer binnen elektra: Elektra, groepenkasten en verlichting · Laadpaal laten installeren · Airco aansluiten · Noodstroom en UPS · Stroomstoring of aardlek · Rookmelders. Alles over elektra →
Vragen over het vervangen van een groepenkast
Hoe lang staat mijn pand zonder stroom?
Bij een gewone kastvervanging is dat meestal een dagdeel tot een dag, en zelden aaneengesloten. We bouwen de nieuwe kast zoveel mogelijk vooraf op en zetten daarna in blokken over, zodat een deel van het pand steeds beschikbaar blijft. Systemen die echt door moeten draaien, zoals een server of koeling, houden we in de lucht met een tijdelijke voeding of zetten we als eerste over.
Moet ik meteen de hele kast vervangen als hij vol is?
Nee. Als de bestaande kast in orde is en er is nog hoofdcapaciteit over, dan is een onderverdeler bijplaatsen vaak de betere oplossing. Vervangen wordt pas logisch als de kast zelf tekortschiet, bijvoorbeeld als er geen aardlekbeveiliging op alle eindgroepen zit of als de bedrading niet meer te herleiden is.
Kunnen jullie de aansluiting zelf verzwaren?
Nee, dat kan geen enkele installateur. Verzwaren is een aanvraag bij de netbeheerder, in dit werkgebied Liander. Wij bereiden de aanvraag inhoudelijk voor, rekenen door welke aansluitwaarde je nodig hebt en zorgen dat de meterkast en de hoofdverdeling klaar zijn als zij komen. De planning ligt bij de netbeheerder.
Hoe lang duurt het aanvragen van een zwaardere aansluiting?
Dat kunnen wij niet toezeggen, want het is niet ons proces. Wat we wel kunnen zeggen: in Flevoland speelt netcongestie en daardoor lopen aanvragen voor zwaardere aansluitingen regelmatig langer dan mensen verwachten. Begin er dus vroeg over, bij voorkeur al in de planfase van een verbouwing of uitbreiding.
Wat is het verschil tussen NEN 1010 en NEN 3140?
NEN 1010 gaat over de aanleg: hoe een elektrische installatie in een gebouw ontworpen en gebouwd moet worden. NEN 3140 gaat over het veilig gebruiken van een installatie die er al ligt, inclusief periodieke inspectie en het keuren van arbeidsmiddelen. Nieuwbouw en verbouwing vallen onder de eerste, het beheer daarna onder de tweede.
Waarom heeft mijn oude kast maar één aardlekschakelaar?
Omdat dat in de periode waarin de kast gebouwd is voldoende was. Voor 1975 was een aardlekschakelaar op wandcontactdozen nog niet verplicht, en daarna volstond lange tijd één aardlekschakelaar van 30 milliampère voor de hele installatie. Het nadeel merk je pas bij een storing: één lekstroom ergens in het pand legt dan alles tegelijk plat.
Krijg ik een meetrapport?
Ja. Bij oplevering krijg je de meetwaarden van de installatie: isolatieweerstand, doorverbinding van de beschermingsleiding, uitschakeltijden van de aardlekbeveiliging en de kortsluitstroom. Dat rapport is meestal precies wat een verzekeraar, verhuurder of inspecteur later opvraagt.
Kunnen jullie de laadpalen meenemen in dezelfde klus?
Ja, en dat is ook het handigste moment. Laadpalen bepalen voor een groot deel je piekbelasting. Als we ze meenemen in de indeling van de nieuwe kast, kunnen we ze op een eigen groep zetten en met lastbeheer laten meebewegen, waardoor je vaak binnen je bestaande aansluitwaarde blijft.
Werken jullie ook ’s avonds of in het weekend?
Ja. Bij winkels, horeca en productie is dat eerder regel dan uitzondering. We spreken vooraf af welk tijdvak het beste past en welke delen van de installatie tijdens dat tijdvak in bedrijf moeten blijven. Buiten kantoortijd werken kost meer uren, dus dat staat apart in de opgave.
Doen jullie ook alleen een inspectie van de bestaande kast?
Ja. We kunnen de installatie doormeten en beoordelen zonder dat er iets vervangen wordt. Je krijgt dan een rapport met wat er gevonden is en welke punten aandacht vragen, zodat je zelf kunt bepalen wat je nu oppakt en wat later kan.